Dien vóór 1 april suppletie-aangifte BTW 2015 in

donderdag 10/03/2016

Als u over 2015 te veel of te weinig omzetbelasting heeft afgedragen, moet dit verplicht worden gecorrigeerd (gesuppleerd). Als deze correctie met een suppletie-aangifte wordt aangegeven, doe dit dan vóór 1 april 2016. Er wordt dan door de Belastingdienst geen belastingrente over de te weinig betaalde omzetbelasting berekend.

Als u een BTW-ondernemer bent, doet u per maand of per kwartaal BTW aangifte. Het kan gebeuren dat over een bepaald tijdvak te veel of te weinig omzetbelasting is afgedragen. Deze fouten moeten verplicht  worden gemeld aan de Belastingdienst. Dit kan op twee manieren worden gebeuren :

  • De fout mag hersteld worden in de eerstvolgende aangifte over een later tijdvak, als de correctie (te betalen of te ontvangen bedrag) niet hoger is dan 1.000 euro. Er wordt geen naheffingsaanslag opgelegd of teruggaafbeschikking door de Belastingdienst afgegeven.
  • Als de fout hoger is dan 1.000 euro, moet een suppletie aangifte worden ingediend. Dit kan met het formulier “suppletie omzetbelasting”, te vinden op de website van de Belastingdienst of op het beveiligde gedeelte voor ondernemers van de website van de Belastingdienst . Door de Belastingdienst wordt hiervan een naheffingsaanslag opgelegd of een teruggavebeschikking afgegeven. Het is niet mogelijk om een aangevulde of gewijzigde aangifte omzetbelasting in te dienen over een tijdvak waarover al aangifte is gedaan.

Als de suppletie aangifte over 2015 voor 1 april 2016 wordt ingediend, wordt door de Belastingdienst geen belastingrente berekend.

Als er ten onrechte geen suppletie aangifte wordt ingediend, kan de Belastingdienst een vergrijpboete opleggen en belastingrente in rekening brengen.

Kleine ondernemersregeling

Als u gebruik maakt van de kleine ondernemersregeling in de omzetbelasting, dan wordt de vermindering van omzetbelasting in het laatste aangifte van 2015 gecorrigeerd. Als er gebruik gemaakt van voorlopige verminderingen in de aangiften 2015, dan is het mogelijk dat deze verminderingen in het laatste aangiftetijdvak gecorrigeerd moeten worden.

In beide gevallen  zal, als de correctie nog niet heeft plaatsgevonden, dit alsnog moeten worden aangegeven, eveneens met bovengenoemde suppletie-aangifte.