Btw terugvragen als je klant niet betaalt!

dinsdag 23/01/2018

Tot 1 januari 2017 was het vaak lastig en onduidelijk om te beoordelen of er sprake was van een oninbare vordering. Daarnaast moesten oninbare vorderingen via een apart verzoek worden teruggevorderd. De nieuwe regels maken dit een stuk eenvoudiger.

 

In het kort zijn er twee belangrijke wijzigingen:

- Het moment waarop de btw teruggevraagd dient te worden.

- De manier waarop de btw teruggevraagd dient te worden.

 

Wanneer

Er kan aanspraak worden gemaakt op terugvordering van de Btw op oninbare debiteuren wanneer het factuurbedrag een jaar na opeisbaarheid van de vordering nog niet is voldaan. Concreet betekent dat, dat een factuurbedrag van een factuur die een jaar over zijn invorderingsdatum is, mag worden teruggevorderd over het tijdvak waarin dit moment valt. Om afwijzing door de Belastingdienst te voorkomen, dient de Btw in de juiste aangifte te worden teruggevraagd

 

Hoe

Teruggaveverzoeken kunnen nu worden aangegeven bij de reguliere Btw-aangifte van de ondernemer. Dit kan men doen door het btw-bedrag aan te geven bij 1a of 1b (als negatieve omzet, met het bijhorende negatieve btw-bedrag) of bij 5b (als voorbelasting van de btw-aangifte over het tijdvak waarin het recht op teruggaaf van btw is ontstaan).

 

Betaalt een klant later toch nog (voor een deel) uw factuur? Dan geeft u in uw eerstvolgende btw-aangifte bij vraag 1a of 1b aan dat u hierover btw moet betalen.

Het is dus van belang, dat u bij het doen van de Btw-aangifte controleert of er nog klanten zijn die facturen na een jaar nog niet hebben betaald.

 

Mocht u nog vragen hebben naar aanleiding van dit artikel, dan kunt u uiteraard contact opnemen met ons kantoor.