Boetes rittenadministratie

donderdag 19/02/2015

Als blijkt dat de “verklaring geen privégebruik auto” onterecht is aangevraagd en afgegeven, kan de Belastingdienst een forse boete opleggen. De boete wegens het onterecht achterwege laten van de bijtelling of een onvolledige en/of onjuiste rittenadministratie kan in het meest ernstige geval oplopen tot 100%.

Wanneer u bijtelling privégebruik auto wilt voorkomen, dient u in het bezit te zijn van een “verklaring geen privégebruik auto” met daarbij een deugdelijke rittenadministratie (zie hiervoor ook de verschillende artikelen op de themapagina “Auto van de Zaak”).

De Belastingdienst heeft het recht om een (hogere) vergrijpboete tot wel 100% op te leggen in plaats van een verzuimboete. Om een vergrijpboete op te kunnen leggen, dient de inspecteur deze wel te kunnen onderbouwen. Een vergrijpboete kan worden opgelegd als er sprake is van grove schuld of opzet.

Een verzuimboete, wanneer er aldus géén sprake is van grove schuld of opzet, kan oplopen tot een bedrag van 4.222 euro (80% van de maximale boete van 5.278 euro) en kan worden opgelegd bij het onterecht achterwege laten van de bijtelling. Wanneer er sprake is van een onjuiste rittenadministratie kan de boete alsnog oplopen tot het maximum van 5.278 euro.

Een vergrijpboete bedraagt 40% van het onterecht achterwege gelaten bedrag aan bijtelling wanneer er sprake is van grove schuld. De vergrijpboete kan echter oplopen tot 80% bij opzet of zelfs tot 100% bij een onvolledige of onjuiste rittenadministratie.

De inspecteur dient echter in het geval van een opgelegde vergrijpboete wel onderzocht te hebben of de zaak ernstig genoeg is om een vergrijpboete te rechtvaardigen.

Mocht er in voorkomende gevallen sprake zijn van een opgelegde boete, vraag de inspecteur dan om een onderbouwing; wellicht kan de rechter de boete (deels) vernietigen wanneer er onvoldoende onderbouwing is!

Mocht u naar aanleiding van dit artikel nog vragen hebben, neem dan contact op met ons kantoor.